De werkelijke betekenis van winnen...

Bij nader inzien is het maar goed dat ik begin maart 2014 in mijn enthousiasme niet direct in de pen klom toen het bericht doorkwam dat meerkampster Nadine Broersen op de vijfkamp het wereldkampioenschap indoor had gewonnen. Toen ik het hoorde beoordeelde ik het als een fantastische prestatie. De vaderlandse pers besteedde er nauwelijks aandacht aan. Het Parool pakte bijvoorbeeld uit met een één-koloms mededeling op pagina drie van het sportkatern, terwijl er tegelijkertijd op pagina een en twee van dat katern ruime aandacht was voor een 19-jarige voetballer die een goede wedstijd had gespeeld. In het NRC Handelsblad kwam op de vijfde van de zes pagina's sport het bericht door dat een Nederlandse meerkampster goud had gewonnen op de WK atletiek; ook hier was voetbal overheersend: twee pagina's over ontslagen Nederlandse voetbaltrainers in den vreemde... Het Parool revancheerde zich op de maandag, onder andere door er de gehele voorpagina van het sportkatern aan te wijden: "Afgelopen weekeinde waren in het Poolse Sopot de WK indooratletiek en was er één gouden medaille: van Nadine Broersen (23) op de meerkamp. Het bleef rustig in het land. Terwijl die ene prestatie misschien wel net zo markant is als alle 29 medailles van de Winterspelen bij elkaar. Want schaatsen kunnen we al jaren als de beste, terwijl in atletiek de medailles op twee handen zijn te tellen.".

De 23-jarige Nadine Broersen veroverde goud nadat dit 25 jaar geleden voor het laatst gelukt was: in 1989 veroverden zowel Elly van Hulst als Nelli Cooman de WK-titel indoor. Waarom ik het een fantastische prestatie vond? Na twee onderdelen, de 60m horden en het hoogspringen, stond Nadine Broersen op de eerste plaats en ze stond die plaats niet meer af. Ze consolideerde met kogelstoten en verspringen haar eerste plaats. Op de afsluitende 800m liet ze zich slechts 4 van de 7 seconden voorsprong afpakken en bleef zodoende ruim binnen de tijd om 'overall' als eerste te eindigen. Het is heel gemakkelijk in zo'n situatie te gaan denken in resultaat, in te behalen prestaties.



In augustus, dus enkele maanden later, eindigde diezelfde Nadine Broersen bij de EK-atletiek in het Zwitserse Zürich op de zevenkamp op een tweede plaats. Tot het afsluitende onderdeel op de tweede dag, de 800 meter, was er uitzicht op de eerste plaats. Vooral dankzij sterke prestaties bij het hordenlopen en het hoogspringen, het eerste en tweede onderdeel op de eerste dag. Bij het hoogspringen was ze, op advies van haar trainer, gestopt om een eventuele spierblessure te voorkomen. Dan weet ze dat ze punten laat liggen. Zo'n keuze kan een psychologisch na-effect hebben. Journalist Mark van Driel (De Volkskrant, 16 aug 2014: 'Gestrand in het zicht van de finish') verwoordt het als volgt: "Over de betekenis van de keuze dacht ze niet na. Ze mag tijdens de zevenkamp niet bezig zijn met punten. Die kennis keert zich altijd tegen haar, weet ze. Dan gaat het spoken in haar hoofd en presteert ze benedenmaats." Kennelijk kent Nadine Broersen en haar trainer, Ronald Vetter, het belang van het blokkeren van resultaat-gerichte gedachten. En het illustreert ook dat bij een fysiek zwaar onderdeel van de atletiek als de meerkamp het in toom houden van de gedachten een belangrijke voorwaarde voor goede prestaties is. Ook dat is te trainen. Maar dan moet het wel eerst als een relevant onderdeel van presteren worden onderkennen. Dit is vanzelfsprekende 'stuff' voor een rechtgeaarde CoachDieNooitVerliest.

JvR (april, augustus, december 2014)